Protocol bijtincidenten 

Werkgroep Hulp Inbeslaggenomen Honden heeft voor gemeenten een protocol ontwikkeld. Wanneer een gemeente dit protocol in haar beleid opneemt tracht zij daadwerkelijk iets aan het voorkomen van bijtincidenten te doen en zorgt zij gelijk voor een rechtvaardige behandeling voor honden en eigenaren.

  1. Bestuursrecht: De politie in de gemeente heeft instructies van de burgemeester om afhandeling van bijtincidenten zoveel mogelijk via het bestuursrecht te laten verlopen.
  2. Hondenbrigade: Bijtincidenten worden door de Hondenbrigade afgehandeld. Door hen wordt altijd eerst zorgvuldig bekeken hoe het bijtincident tot stand is gekomen en welke rol de bezitter van de hond, het slachtoffer en de hond hierin gespeeld hebben (honden kunnen zodanig uitgedaagd, getreiterd, bedreigd of mishandeld worden, dat men kan spreken van een natuurlijke afweerreactie waardoor er geen sprake van een agressieve aard hoeft te zijn bij de hond). Een door Alpha erkende hondengedragsdeskundige geeft hierin zo spoedig mogelijk (binnen een week) advies aan de Burgemeester.
  3. Gesprek eigenaar en evt. screenen: Na een bijtincident voert de Hondenbrigade een gesprek met de eigenaar van de hond om te bepalen of het nodig is dat de eigenaar gescreend wordt op bekwaamheden in het omgaan met zijn hond in de openbare ruimte. Dit screenen vindt zonodig plaats door een door de gemeenten aangestelde commissie waarin zitting hebben een door Alpha erkende hondengedragsdeskundige, een dierenarts en een gedragspsycholoog. De eigenaar dient gescreend te worden op zijn empathisch vermogen, verantwoordelijkheidsgevoel, schuldbesef, kennis over honden en vaardigheid in een juiste omgang met zijn hond.
  4. Uitkomst screening: Wanneer uitkomst van screening is dat het de eigenaar is waardoor het bijtincident is veroorzaakt en de eigenaar duidelijk niet geschikt blijkt te zijn voor de hond waardoor herhaling kan plaatsvinden en er met de hond zelf weinig mis is, wordt de eigenaar verplicht afstand van zijn hond te doen. De hond wordt dan voor herplaatsing overgebracht naar een asiel.
  5. Onmiddellijk aanlijn- en muilkorfgebod* en een verplichte opvoedcursus of gedragscursus om de hond beter onder appél te krijgen: Eigenaar van een hond die een bijtincident heeft veroorzaakt bij een mens of een dier krijgt standaard na melding per direct een aanlijn- en muilkorfgebod in de openbare ruimte voor zijn hond voor ten minste zes maanden en wordt verplicht op eigen kosten een opvoedcursus of gedragscursus bij een als kwalitatief goed bekend staande hondenschool of gedragstherapeut (Martin Gaus hondenscholen, O & O, Alpha) die honden positief traint te volgen. De geboden vervallen wanneer uit het advies van de hondengedragsdeskundige blijkt dat er bij de hond sprake was van uitlokking en een natuurlijke afweerreactie en dat er daarom mag aangenomen worden dat de hond geen gevaar is in de openbare ruimte. Dit gebod opnemen in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV).
  6. Risico-inschattingstest vrijwillig na zes maanden: Eigenaar kan standaard, op enkele uitzonderingen na*, om van het aanlijn- en muilkorfgebod voor zijn hond af te geraken, met zijn hond na zes maanden op eigen kosten een risico-inschattingstest ondergaan. Eigenaar dient hieraan vooraf op eigen kosten een gedragstraining bij een door Alpha erkende gedragstherapeut die honden positief traint gevolgd te hebben. Reuen dienen minimaal een maand voor de risico-inschatingstest gecastreerd te worden.
  7. Beoordeling risico-inschattingstest: De risico-inschattingstest wordt samen met eigenaar en hond afgenomen. Beoordeling van de gedragstherapeut over gedrag hond en combinatie hond en baas in de voorafgaande gedragstraining spelen een belangrijke rol in de totale beoordeling van de risico-inschattingstest. Eigenaren dienen zich te houden aan de maatregelen die voortvloeien uit het advies van de risico-inschattingstest en zijn strafbaar wanneer zij zich hier niet aan houden. Is de uitkomst van de risico-inschattingstest positief dan vervalt met onmiddellijke ingang het aanlijn- en muilkorfgebod. Eigenaar krijgt dit schriftelijk bevestigd. Is de uitkomst van het risico-assessment negatief dan blijft het aanlijn- en muilkorfgebod minimaal drie maanden daarna van kracht, waarna opnieuw (op kosten van de eigenaar) een test afgelegd kan worden indien eigenaar deze direct heeft aangevraagd. Eigenaar dient zich in de tussentijd te houden aan het muilkorf- en aanlijngebod en de evt. andere maatregelen die hem in het advies uit de eerste test zijn opgelegd. Komen eigenaar en hond negatief uit de tweede test dan krijgt de hond een blijvend muilkorf- en aanlijngebod. Komt de hond bij de tweede test positief uit de test dan vervalt met onmiddellijke ingang het muilkorf- en aanlijngebod. Eigenaar krijgt dit schriftelijk bevestigd. Zolang de eigenaar geen gebruik maakt van het afnemen van een tweede test blijft het aanlijn- en muilkorfgebod van de hond in de openbare ruimte van kracht. Eigenaar mag ten allen tijde een tweede test aanvragen, die na drie maanden behoort te worden afgenomen. Eigenaar behoort altijd voorafgaand een gedragstraining met zijn hond gevolgd te hebben bij een door Alpha erkende hondengedragsdeskundige.
  8. Euthanasieadvies: Een euthanasieadvies voor de hond is enkel geoorloofd wanneer duidelijk is dat de hond gestoord onvoorspelbaar gedrag vertoont, herplaatsing geen oplossing kan zijn, het niet aan de eigenaar ligt, het gestoorde gedrag van de hond door training niet te veranderen is en de hond daardoor een gevaar blijft in de openbare ruimte ondanks muilkorf- en aanlijngebod.
  9. Blijvend aanlijn- en muilkorfgebod: Eigenaren die weigeren een gedragstraining te volgen met hun hond verplichten zich om hun hond levenslang aan te lijnen en te muilkorven in de openbare ruimte.
  10. Strafrechterlijke vervolging en inbeslagname voor niet houden aan geboden: Eigenaren die zich willens en wetens niet houden aan het verplichte muilkorf- en aanlijngebod voor hun hond lopen het risico van strenge strafrechtelijke vervolging,  inbeslagname van hun hond, de mogelijkheid tot gedwongen afstand van hun hond en herplaatsing, en bij een hoogrisico combinatie eigenaar en hond een houdverbod.
  11. Inbeslagname: Het in beslag nemen van een hond na een bijtincident gebeurt alleen wanneer de verwondingen zeer ernstig zijn en/of er duidelijk sprake van is dat de hond of de combinatie eigenaar/hond een gevaar oplevert in de openbare ruimte. Een inbeslagname mag ten hoogste vier weken duren. Gemeenten maken daarom voor een snelle afwikkeling gebruik van het bestuursrecht en geven prioriteit aan inbeslaggenomen honden.
  12. Castratie reuen: Reuen die wegens een bijtincident in beslaggenomen zijn dienen onmiddellijk op kosten van de eigenaar gecastreerd te worden. Dit omdat de opspelende hormonen (testosteron) bij een reu agressief gedrag in hoge mate beïnvloedt. Na vier weken kan de gecastreerde reu getest worden (deze hormonen zijn dan vrijwel uitgewerkt).
  13. Verzorging en omgang in opslag: Een inbeslaggenomen hond wordt intensief voorbereid voordat hij aan de risico-inschattingstest wordt onderworpen. De eigenaar wordt bij het afnemen van de risico-inschattingstest betrokken. Wanneer er door de opslaghouders niet voldaan is aan de procedure van de inbeslagname (zie hieronder) en de hond in isolatie gehouden is wordt er geen risico-inschattingstest bij de hond afgenomen.
  14. Houdverbod honden: Eigenaren die meerdere malen duidelijk hebben laten blijken niet de verantwoording voor hun hond te nemen, hun hond op te hitsen en te gebruiken als wapen of hun hond zo slecht te behandelen dat er agressie ontstaat bij de hond waardoor de hond zich gaat afreageren op anderen dan zijn baas, kunnen op verzoek van de burgemeester door het OM een houdverbod opgelegd krijgen. Per 2011 is het wettelijk verplicht om een hond te chippen. Hier liggen goede mogelijkheden voor controle.

* Onmiddellijk aanlijn- en muilkorfgebod: In periode van de gedragstraining heeft een hoofdband met snoetenband met extra veiligheidssluiting aan de halsband de voorkeur als goed alternatief voor de muilkorf. Door de hoofdband is het gedrag van de hond veel beter te beïnvloeden, uitvallen is vrijwel niet mogelijk omdat de beweging onmiddellijk wordt onderbroken. Daarbij maakt de snoetenband bijten onmogelijk maar biedt  nog wel de mogelijkheid gewenst gedrag in te trainen en te onderhouden omdat beloning mogelijk blijft. Door de verbinding tussen halsband en hoofdband door harpsluiting is ieder risico volledig ingedamd. De muilkorf is geschikt bij meelopen aan de fiets en bij joggen, tevens geschikt voor eigenaars die hun hond niet willen of kunnen trainen.

* Uitzonderingen: Een hond kan vaker gebeten hebben zonder dat de eigenaar (afdoende) veiligheidsmaatregelen heeft getroffen. Deze eigenaar krijgt geen herkansing door training en testafname. Hij heeft een onmiddellijk aanlijngebod, hoofdbandgebod en muilkorfgebod dat blijft zolang de hond leeft.

 

PROCEDURES

Inbeslagname van de hond

Indien een hond in beslag moet worden genomen en van huis (of andere plek) moet worden opgehaald, dan dient dat te gebeuren door de Hondenbrigade, niet door de politie. De Hondenbrigade is opgeleid om om te gaan met (agressieve) honden en kan zorgen dat de hond zo min mogelijk stress en frustratie van de inbeslagname ondervindt.

Note: Politie is hiertoe niet opgeleid, de ‘arrestatie’’ van de hond gaat dan dikwijls gepaard met veel geschreeuw en intimidatie, werken met vangstokken en bedreiging door meer agenten tegelijk. Voor de hond buitengewoon beangstigend/bedreigend waardoor (angst)agressie wordt uitgelokt.

 

Verzorging in opslag in belang van het welzijn                van de hond

Sociaal contact met  verzorg(st)ers, sociaal contact met soortgenoten (indien mogelijk in kennel, anders op speelplaatsen), sociale bezigheden door spel en training.

Isolatie is hondonvriendelijk en maakt de meest vriendelijke hond op het laatst nog gek. Laat staan energieke honden. Ballen en ander speelgoed ‘voor het spelen in zijn eentje’ lijken een mooi alternatief voor een sociale relatie maar zijn dat geenszins. Het verlicht de isolatie en gebrek aan sociale binding op geen enkele manier. Het is puur een versluiering voor de buitenwereld van de werkelijke feiten.

  • Inbeslagname mag niet langer dan een maand duren uit oogpunt van menselijkheid en dierenwelzijn. Indien de hond na een maand teruggegeven wordt aan de eigenaar dient deze alsnog verplicht een opvoedcursus of gedragstraining met zijn hond te volgen.
  • Om trauma’s te voorkomen krijgt een inbeslaggenomen hond gelijk bij aankomst in de opslag een eigen verzorg(st)er toegewezen die direct bij aankomst begint om een band met de hond op te bouwen om zo het vertrouwen van de hond te winnen. Dit gebeurt door de hond veel en de juiste aandacht te geven en beloningen in de vorm van eten, met de hond te spelen en wandelen. Hiervan vindt dagelijks verslaggeving plaats door de verzorgster van de hond.
  • Tijdens de inbeslagname volgt de hond samen met de verzorg(st)er een elementaire gedragscursus. Dit versterkt de band tussen verzorg(st)er en hond en de hond kan zonodig beter gedrag aanleren.
  • Gelijk bij de inbeslagname wordt gekeken of de hond samen met een andere hond in de kennel geplaatst kan worden (reuen en teefjes gaan bijna altijd goed samen) en samen op speelplaats kunnen. (Dit zijn ook de voorwaarden in het Honden- en Kattenbesluit waaraan kennels horen te voldoen, ook die in asielen! Helaas houdt men zich in de opslag hier niet aan).
  • Er wordt geen vangstok, waterspuit of andere dwangmiddelen (inclusief intimiderend gedrag als schreeuwen) gebruikt om de hond te dwingen uit zijn hok te komen.
  • Eigenaren krijgen één keer per twee weken verslaglegging van de verzorg(st)er (deze blijft in de verslaglegging anoniem) over hoe het met de hond gaat met evt. bijgevoegd een digitale foto van de hond. De verslaglegging kan per email verzonden worden door de opslaghouder naar de Dienst Regelingen waar de informatie doorgestuurd kan worden naar de eigenaar of advocaat.
  • Met de inbeslaggenomen hond wordt dagelijks een wandeling gemaakt van een half uur minimaal en de hond is dagelijks een uur op de speelplaats.
  • Een inbeslaggenomen hond heeft recht op een eigen mand met deken.

naar boven